|
|
Begeleiding van leerlingen
Op het Montessori College vinden we het belangrijk om een goede communicatie te onderhouden tussen de twee leefwerelden van een leerling: school en thuis. Door vanuit de school regelmatig contact te onderhouden met de ouders/ verzorgers van de leerling, wordt getracht deze twee omgevingen van de leerling op elkaar af te stemmen. Ouders/ verzorgers worden geacht op hun beurt weer regelmatig contact te onderhouden met de school. Deze contacten verlopen meestal via de mentor. De mentor en de ouders/ verzorgers fungeren op deze wijze als de spil tussen de leerling op school en thuis. Daarnaast is voor de leerling zelf ook de mentor het eerste aanspreekpunt. Op deze wijze proberen we de driehoek ‘ouders- kind- school’ een terugkerende basisvorm te laten zijn binnen onze visie. De ouders, hun kind en de school dragen alle drie een bepaalde verantwoordelijkheid in de weg naar zelfstandigheid van het zich ontwikkelende kind.
|
|
Indien vakdocenten problemen constateren bij een leerling dienen zij hun zorg te bespreken met de mentor van de betreffende leerling. De mentor begeleidt zijn mentorleerling in eerste instantie maar kan als de hulpvraag zijn mogelijkheden te boven gaat, in overleg met de betrokken leerling, zijn ouders/ verzorgers en vakdocent(en), zoeken naar een oplossing voor de problemen binnen de school. Zo kan de mentor, vaak na overleg met de zorgcoördinator, een beroep doen op onderstaande hulpverleningsvormen: - School Maatschappelijk Werk (SMW) - Remedial teaching (rt) - Hulp Op Maat (HOM)/ steunlessen (afhankelijk van de locatie) - Decanaat - Schoolarts/-verpleegkundige - Rouwgroep Ook kan de leerling zelf zich direct wenden tot één van deze vormen van hulp. |
|
Het Montessori College heeft een eigen Pestprotocol. In dit protocol beschrijven we de wijze waarop we met pestgedrag omgaan. We nemen expliciet stelling tegen pestgedrag en stellen concrete maatregelen voor ter bestrijding en voorkoming van pesten. Ook digitaal pesten valt onder deze afspraken en maatregelen. In de bijlage mediawijsheid gaan we verder in op de nieuwe media en de ongewenste bijeffecten die op kunnen treden. In dit protocol beschrijven we de wijze waarop het Montessori College met pestgedrag omgaat. Het protocol is een verklaring van de vertegenwoordiger van de school en de ouders waarin wordt vastgelegd dat het pestgedrag op school niet wordt geaccepteerd en volgens een bepaalde handelwijze wordt aangepakt. Het Montessori College neemt daardoor expliciet stelling tegen pestgedrag en stelt concrete maatregelen voor ter bestrijding en voorkoming van pesten. |
|
Het Montessori College heeft ook een eigen dyslexieprotocol. Dyslexie wordt steeds meer herkend en erkend als probleem bij het leren. Wij hebben als school een lange ervaring in het omgaan met dyslectische leerlingen. Dat wil niet zeggen dat wij heel veel extra mogelijkheden hebben voor de begeleiding, maar wel dat we aandacht hebben voor de problemen die het de kinderen geeft en daar zoveel mogelijk binnen de gewone lessen rekening mee houden. De school kan in beperkte mate extra begeleiding bieden. Deze is er op gericht de leerlingen handvatten te bieden om met hun leerprobleem goed om te leren gaan. Een leerling wordt bij ons als ‘dyslectisch’ aangemerkt, als er een officieel orthopedagogisch rapport aanwezig is. Een kopie van dit rapport moet zich in het dossier van de leerling bevinden. |
|
Indien bovenstaande vormen van hulp niet toereikend zijn, kan de kernteamcoördinator, de leerling zelf of zijn ouders/ verzorgers een beroep doen op de zorg die valt onder de verantwoordelijkheid van de zorgcoördinator. Binnen deze zorg zijn verschillende disciplines opgenomen: - Bureau Jeugdzorg (BJZ) ; - Leerplichtzaken; - Gemeentelijke Gezondheids Dienst (GGD); - Maatschappelijk werk (SMW). De zorgcoördinator bekijkt samen met de afgevaardigden van deze hulpinstanties, die geregeld samenkomen op de verschillende locaties onder de naam: School en Hulp, welke vorm van hulp is gewenst. Deze hulp kan zowel binnen als buiten de school plaatshebben. |
|
|
|
|